Gemeentedecreet - participatie van de burger: verschil tussen versies

kGeen bewerkingssamenvatting
 
(2 tussenliggende versies door dezelfde gebruiker niet weergegeven)
Regel 1: Regel 1:
DE WAKKERE BURGER SCREENT NIEUWE INSPRAAKPROCEDURES
Het hoofdstuk “participatie van de burger” in het gemeentedecreet omschrijft een aantal instrumenten die burgers de kans geeft om meer bij het beleid betrokken te zijn. Dezelfde bepalingen komen in grote lijnen ook terug in het OCMW-decreet en provinciedecreet.


Onderzoek naar 'voorstellen van burgers' en 'verzoekschriften' in de 308 Vlaamse gemeenteraden
 


In de loop van 2007 zijn negen 'voorstellen van burgers' op de agenda geplaatst van een Vlaamse gemeenteraad. Dat blijkt uit een onderzoek van De Wakkere Burger. De enquête telde ook 36 'verzoekschriften'. Het aantal burgerinitiatieven bleef dus eerder beperkt. Deze nieuwe inspraakmogelijkheden zijn waarschijnlijk nog niet erg bekend.
== Klachtenbehandeling ==


Het gemeentedecreet dat sinds begin 2007 van kracht is, voerde een aantal nieuwe bepalingen in voor de gemeentelijke burgerparticipatie. Zo is het sindsdien mogelijk om via een handtekeningen-actie een punt toe te voegen aan de agenda van de gemeenteraad. Dat heet 'voorstellen van burgers'.  
Iedere gemeente moet een systeem ontwikkelen waarbij het als burger mogelijk is om klachten of suggesties aan de lokale overheid over te maken.


Wie voldoende handtekeningen verzamelt kan dat punt ook zelf toelichten tijdens de zitting.  
De praktische regeling verschilt van gemeente tot gemeente. Het opstellen van een reglement is een bevoegdheid van de gemeenteraad.


Tegelijkertijd beschreef het gemeentedecreet een procedure om 'verzoekschriften' in te dienen. Via dat kanaal kan iedereen zijn opmerkingen, verzoeken of suggesties voorleggen aan het lokale bestuur.
== <br>Organisatie van inspraak ==


De Wakkere Burger onderzocht begin 2008 het aantal voorstellen en verzoekschriften. De cijfers m.b.t. de 'voorstellen van burgers' zijn gebaseerd op antwoorden uit meer dan 90 percent van de Vlaamse gemeenten. De resultaten m.b.t. verzoekschriften betreffen een respons van bijna 70 percent.  
De gemeenteraad is bevoegd om initiatieven te nemen om de betrokkenheid en inspraak van burgers of doelgroepen te verzekeren bij de beleidsvoorbereiding, bij de uitwerking van de gemeentelijke dienstverlening en bij de evaluatie ervan.


<br>
Rekening houdend met de wettelijke en decretale bepalingen kan alleen de gemeenteraad over gaan tot de organisatie van raden of overlegstructuren die opdracht hebben op regelmatige en systematische wijze het gemeentebestuur te adviseren. Het is ook de gemeenteraad die de nadere voorwaarden vastlegt ivm de samenstelling, de werkwijze en procedures.


Een uitgebreid verslag van dit onderzoek vind je in een thema-dossier van het juni-nummer van TerZake.<ref>Terzake, jaargang 26, 2008, blz ...</ref>
Alle verslagen en einddocumenten van de raden of overlegstructuren moeten meegedeeld worden aan de gemeenteraad.


<br>  
== <br>Voorstellen van burgers  ==


Meer informatie over deze materie vind je ook via onderstaande links:
Het gemeentedecreet omschrijft twee mogelijkheden om als burger voorstellen voor te leggen aan de gemeenteraad. Een daarvan is de procedure van “voorstellen van burgers”. Mits het inzamelen van de nodige handtekeningen kan een burger een agendapunt aan de gemeenteraad toevoegen. Het agendapunt mag door de burger, tijdens de gemeenteraad, toegelicht worden.


- de perstekst over de onderzoeksresultaten
Het verzoek om een agendapunt toe te voegen moet ondersteund worden door: <br><br>· 2% van de inwoners ouder dan 16 jaar in gemeenten met minder dan 15.000 inwoners; <br>· 300 inwoners ouder dan 16 jaar in gemeenten met minstens 15.000 en minder dan 30.000 inwoners;<br>· 1% van de inwoners ouder dan 16 in gemeenten met minsten 30.000 inwoners


- een artikel uit TerZake (juni 2008) over de negen voorstellen van burgers
== <br><br>Verzoekschriften<br> ==


- een stappenplan om voorstellen van burgers in te dienen
Een andere manier om een voorstel aan de gemeenteraad voor te leggen is het systeem van verzoekschriften. Voor deze procedure hoeft men geen handtekeningen in te zamelen. In principe moet de verzoeker zelfs geen inwoner van de gemeente zijn. Daar staat tegenover dat een echt debat tijdens de gemeenteraad niet gegarandeerd is.


<br>
Het verzoek kan doorgespeeld worden aan het college, een gemeenteraadscommissie of gemeentedienst. De verzoekers kunnen gehoord worden door de gemeenteraad, maar is dat is absoluut geen verplichting. De gemeenteraad moet wel binnen de drie maanden een gemotiveerd antwoord verstrekken.


(Meer info&nbsp;: Bernard Daelemans / Wim Van Roy - 02/240.95.25)


<br>


i Ook in een ontwerp van decreet voor de organisatie van de OCMW's zijn 'voorstellen van burgers' en 'verzoekschriften' voorzien. Dat ontwerpdecreet is in juni '08 in behandeling in het Vlaams Parlement. De Wakkere Burger stuurde de parlementsleden volgende opinietekst.
== Gemeentelijke volksraadpleging ==


burgerinitiatieven in Vlaamse gemeenten
Referenda zijn in België niet mogelijk, maar het gemeentedecreet bepaalt wel dat een volksraadpleging mogelijk is. Het initiatief voor een volksraadpleging kan uitgaan van de gemeenteraad of van de burgers. Wanneer het initiatief van de burgers komt moet het ondersteunt worden door een bepaald percentage van de bevolking. Als de steun van de bevolking voldoen hoog is de gemeenteraad verplicht om een volksraadpleging te organiseren.


In 2007 werden in Vlaamse gemeenten 9 voorstellen door burgers aan de agenda van de gemeenteraad geplaatst. Er werden ook 37 verzoekschriften van burgers behandeld door Vlaamse gemeenteraden. Dat blijkt uit onderzoek van ‘De Wakkere Burger’, Beweging voor Participatie en Lokale Democratie. De burgerinitiatieven werden mogelijk gemaakt door bepalingen in het Gemeentedecreet die op 1 januari 2007 van kracht werden. Het aantal initatieven is al bij al vrij beperkt gebleven, mede omdat de gemeenten weinig ruchtbaarheid gaven aan de nieuwe inspraakformules: slechts 43 gemeenten lieten aan De Wakkere Burger weten dat ze er bijzondere aandacht aan schonken via hun website of infoblad.  
De vraag die voorgelegd wordt tijdens de raadpleging moet betrekking hebben op de bevoegdheden van de gemeenteraad of het schepencollege. Al zijn ook binnen deze beperking een aantal thema’s uitgesloten. Vragen van persoonlijke aard, over de begroting, de belastingen of retributies, of over de toegang van vreemdelingen tot het grondgebied zijn niet toegelaten. Het exact formuleren van de voorgelegde vraag is bovendien ook de verantwoordelijkheid van de gemeenteraad. Elke vraag moet te beantwoorden zijn met ja of neen. Een maand voor de raadpleging verspreidt de gemeente een informatiebrochure met daarin een objectief beeld van de problematiek, de standpunten van voor- en tegenstanders en de exacte vraag zoals tijdens de volksraadpleging zal gesteld worden.


Door de nieuwe bepalingen in het hoofdstuk ‘participatie’ van het Gemeentedecreet kunnen burgers zich voor het eerst rechtstreeks tot de gemeenteraad richten. Dat kan door middel van de “voorstellen van burgers” en via de “verzoekschriften”. In beide gevallen gaat het om een burgerinitiatief: de gemeenteraad behandelt een kwestie op vraag van de bevolking. De Wakkere Burger ging via een bevraging van de 308 Vlaamse gemeenten na in welke mate de burger in 2007 al gebruik maakte van deze nieuwe procedures.  
Alle inwoners, ouder dan 16 jaar, kunnen een verzoek indienen én deelnemen aan de raadpleging. De deelname is niet verplicht, maar een minimale opkomst is vereist. Blijft de opkomst onder de minimale opkomst dan worden de stemmen niet geteld. De uitslag van de volksraadpleging is niet bindend. De gemeenteraad kan de uitslag dus naast zich neerleggen. <br><br>Een volksraadpleging op initiatief van de bevolking moet ondersteund worden door minstens:<br><br>· 20% van de inwoners in gemeenten met minder dan 15.000 inwoners;<br>· 3.000 inwoners in gemeenten tussen 15.000 en 30.000 inwoners;<br>· 10% van de inwoners in gemeenten met meer dan 30.000 inwoners.<br><br>De minimale opkomst bedraagt een zelfde aantal inwoners.


1. Voorstellen van burgers
== <br>Externe link ==


Wat? De artikels 200bis-quinquies van het gemeentedecreet geven de inwoners van een gemeente het recht om voorstellen en vragen over de gemeentelijke beleidsvoering en dienstverlening op de agenda van de gemeenteraad in te schrijven. Ze mogen die agendapunten ook zelf komen toelichten op de gemeenteraad. Een dergelijk ‘voorstel’ moet gesteund worden door voldoende ondertekenaars:  
De Wakkere Burger vzw maakte een [http://dewakkereburger.be stappenplan] om een “voorstel van de burger” in te dienen.<br>gemeentedecreet: [http://www.binnenland.vlaanderen.be/regelgeving/wetgeving/gemeentedecreet/inhoud-gemeentedecreet.htm Titel VI: Participatie van de burger]


- 2% van de inwoners ouder dan 16 jaar in gemeenten met minder dan 15.000 inwoners; - 300 inwoners ouder dan 16 in gemeenten met minstens 15.000 en minder dan 30.000 inwoners, - 1% van de inwoners ouder dan 16 in gemeenten met minstens 30.000 inwoners.
[[Categorie:Wetgeving]]
 
[[Categorie:Beleidsparticipatie]]
<br>Onderzoeksresultaten De Wakkere Burger hield een bevraging bij alle 308 Vlaamse gemeenten omtrent het gebruik dat van deze procedure werd gemaakt tijdens het eerste jaar. 282 gemeenten (of 92%) antwoordden. Het onderzoek registreerde 9 toepassingen. Dat was in Turnhout, Houthalen-Helchteren, Dendermonde, Kortrijk, Zulte, Dilbeek, Gent (tweemaal) en Ninove.
 
Het initiatief ging meestal uit van een of ander collectief: een actiegroep, een buurtcomité, een adviesraad, een migrantenorganisatie of een politieke of sociaal-culturele beweging (Gezinsbond, Comité voor een Andere Politiek, carnavalsverenigingen).
 
De onderwerpen van de agendapunten vormen een heel erg divers geheel:
 
 de communicatie tussen jeugdraad en schepencollege,  de uitbreiding van de vergunningen van een stortplaats en de consequenties daarvan voor de volksgezondheid,  de sluiting van een plaatselijk postkantoor,  de inplanting van een nieuwe gevangenis,  de aanpassing van onveilige fietspaden,  het hoofddoekendebat,  het prioriteitenplan van de Gezinsbond,  het sluitingsuur van het plaatselijke carnavalsfeest.
 
In de helft van de gevallen ging het om kwesties die maar ten dele tot de gemeentelijke bevoegdheid behoren en waar beslissingen van een hogere overheid een sterke impact hebben op plaatselijk vlak. Dat geldt bijvoorbeeld voor de bouw van een nieuwe gevangenis en de sluiting van een postkantoor.
 
Uit het onderzoek blijkt overduidelijk dat deze nieuwe inspraakprocedure de lokale overheid minstens heeft verplicht om meer open kaart te spelen. Zo werd een betere communicatie van het lokale bestuur “afgedwongen”. De overwegingen achter een bepaald besluit werden beter toegelicht. Dat betekent echter niet dat de eindbeslissing dikwijls ten gronde werd gewijzigd. Al krijgen deze procedures meestal heel wat media-aandacht, waar politici toch niet helemaal ongevoelig voor zijn.
 
Zo werden drie concrete verzoeken effectief ingewilligd. Eén verzoek werd duidelijk afgewezen. In twee gevallen engageerde de gemeente zich om stappen te ondernemen om het beoogde doel te bereiken, al bleken de mogelijkheden daartoe beperkt. In twee gevallen werd beloofd verder te onderzoeken in welke mate kon rekening gehouden met de verzuchtingen. In één geval werd kennis genomen van een hele reeks verzuchtingen van een belangenorganisatie.
 
2. Verzoekschriften
 
Wat? De procedure van het “verzoekschrift” (artikel 204 e.v.) is minder omslachtig. Handtekeningen verzamelen, hoeft niet. Eén of meer burgers kunnen volgens het gemeentedecreet een verzoekschrift indienen bij de gemeenteraad. Dat hoeven geen inwoners van de gemeente te zijn. Maar een echt debat in de gemeenteraad wordt niet gegarandeerd. De verzoekers kunnen gehoord worden door de gemeenteraad, maar dat is niet verplicht. Het verzoek kan ook gewoon worden doorgespeeld aan het college, een gemeenteraadscommissie of een gemeentedienst. De gemeenteraad moet binnen de drie maanden een gemotiveerd antwoord verstrekken.
 
<br>Onderzoeksresultaten Omtrent deze verzoekschriften werd een tweede vragenlijst naar de gemeenten rondgestuurd. 210 van de 308 gemeenten (68%) zonden hun antwoorden in.
 
De Wakkere Burger noteerde 37 gevallen in 23 gemeenten. Hoewel deze formule zich leent voor individuele burgers, hebben toch opvallend veel “collectieven” gebruik gemaakt van dit inspraakinstrument. Meer dan twee derde van de onderzochte verzoekschriften gingen uit van bewonersgroepen, actiecomités, sociaal-culturele organisaties of belangengroepen (KVLV, Gezinsbond, Boerenbond). Opvallend genoeg werden 12 verzoeken ingediend door politieke partijen die geen vertegenwoordiging hadden in de plaatselijke gemeenteraad. Hoewel het gemeentedecreet het absoluut niet verplicht, konden de indieners van het verzoekschrift in acht gevallen hun standpunt toelichten tijdens de gemeenteraadszitting.
 
De onderwerpen van de verschillende verzoeken waren erg uiteenlopend. Een aantal verzoekschriften betreft “kleinere” klachten: laksheid van het gemeentebestuur ten aanzien van illegale afvalverbranding, geluidsoverlast bij festiviteiten, gebrekkige staat van wegen en gebouwen, spuwen op de openbare weg,…
 
Bij wijze van voorbeeld een kleine greep uit de overige verzoeken:
 
- Voorstel tot sociaal tarief bij de afvalophaling in Bekkevoort - Vragen omtrent parkeerbeleid in ‘blauwe zone’ van Zwijndrecht - Vraag om de staatsieportretten van het vorstenpaar te verwijderen uit gemeentegebouwen in Wichelen - Vraag om neutrale rouwruimte in te richten in Oudenaarde - Vraag om met de gemeente deel te nemen aan nationale middenstandsactie van Unizo in Mol - Voorstel om een lijst op te maken van historisch waardevolle gebouwen in Middelkerke - Verzoek tot aanleg gemeentelijke visvijver in Roosdaal;
 
In 15 gevallen werd actie ondernomen in de zin van het verzoek. In 4 gevallen werd de gevraagde informatie verstrekt. 12 verzoeken werden afgewezen; 2 werden in beraad gehouden; 3 bleken onontvankelijk; (over 1 geval hebben we geen informatie m.b.t. gebeurlijk gevolg).
 
Het gemeentedecreet legt de verplichting op om deze procedure in het gemeentelijk reglement vast te leggen. In 108 gemeenten blijkt dat inderdaad gebeurd te zijn. In minstens 58 gemeenten is dat nog niet het geval. Uit 142 gemeenten kwam hierover geen informatie.
 
3. Bekendmaking
 
Amper 43 gemeenten lieten weten dat ze de nieuwe inspraakprocedures actief kenbaar maken via het infoblad of website, 117 gemeenten geven geen ruchtbaarheid aan deze mogelijkheden, hoewel in een aantal gevallen wel het gemeentereglement op de website terug te vinden is waarin de procedures werden opgenomen. 148 gemeenten verschaften daarover geen informatie.
 
4. Gemeentelijk vragenuurtje
 
13 gemeenten signaleerden dat ze vóór de invoering van de nieuwe procedures al een gemeentelijk vragenmoment kenden vlak voor of na de gemeenteraad. Deze werkwijze lijkt enigszins op de nieuwe formules, al maakt een vragenmoment formeel gezien geen deel uit van de beraadslaging van de gemeenteraad. Nader onderzoek zou moeten uitwijzen of er meer inhoudelijke verschillen zijn tussen het ‘vragenuurtje’ en de nieuwe procedures.
 
5. Conclusies
 
Vlaanderen loopt nog niet storm voor de nieuwe inspraakmogelijkheden, maar er is met 9 ‘voorstellen’ en 37 ‘verzoekschriften’ toch al een start gemaakt. (Ter vergelijking: in tien jaar tijd werden slechts 13 gemeentelijke volksraadplegingen georganiseerd).
 
De zaken die via de procedures werden aangekaart zijn meestal ernstige, vaak ook complexe dossiers.
 
De behandeling door de gemeenten gebeurt op een degelijke manier, en zeker wat betreft de ‘voorstellen’ wordt er vaak zeer grondig over de kwesties gedebatteerd.
 
In een aanzienlijk aantal gevallen wordt positief gevolg gegeven aan de voorstellen of verzoeken. Vaak wordt nadere informatie verstrekt of worden omstreden beslissingen duidelijker gemotiveerd. Een zeker aantal verzoeken worden ook afgewezen.
 
De gemeenten maken deze mogelijkheden onvoldoende bekend, zodat vooral zeer goed geînformeerde burgers tot nog toe van de procedures gebruik maakten.
 
 
 
<references />
 
[[Category:Burgerschap]]
 
[[Categorie:burgerinitiatief]]

Huidige versie van 22 jan 2010 14:52

Het hoofdstuk “participatie van de burger” in het gemeentedecreet omschrijft een aantal instrumenten die burgers de kans geeft om meer bij het beleid betrokken te zijn. Dezelfde bepalingen komen in grote lijnen ook terug in het OCMW-decreet en provinciedecreet.

 

Klachtenbehandeling

Iedere gemeente moet een systeem ontwikkelen waarbij het als burger mogelijk is om klachten of suggesties aan de lokale overheid over te maken.

De praktische regeling verschilt van gemeente tot gemeente. Het opstellen van een reglement is een bevoegdheid van de gemeenteraad.


Organisatie van inspraak

De gemeenteraad is bevoegd om initiatieven te nemen om de betrokkenheid en inspraak van burgers of doelgroepen te verzekeren bij de beleidsvoorbereiding, bij de uitwerking van de gemeentelijke dienstverlening en bij de evaluatie ervan.

Rekening houdend met de wettelijke en decretale bepalingen kan alleen de gemeenteraad over gaan tot de organisatie van raden of overlegstructuren die opdracht hebben op regelmatige en systematische wijze het gemeentebestuur te adviseren. Het is ook de gemeenteraad die de nadere voorwaarden vastlegt ivm de samenstelling, de werkwijze en procedures.

Alle verslagen en einddocumenten van de raden of overlegstructuren moeten meegedeeld worden aan de gemeenteraad.


Voorstellen van burgers

Het gemeentedecreet omschrijft twee mogelijkheden om als burger voorstellen voor te leggen aan de gemeenteraad. Een daarvan is de procedure van “voorstellen van burgers”. Mits het inzamelen van de nodige handtekeningen kan een burger een agendapunt aan de gemeenteraad toevoegen. Het agendapunt mag door de burger, tijdens de gemeenteraad, toegelicht worden.

Het verzoek om een agendapunt toe te voegen moet ondersteund worden door:

· 2% van de inwoners ouder dan 16 jaar in gemeenten met minder dan 15.000 inwoners;
· 300 inwoners ouder dan 16 jaar in gemeenten met minstens 15.000 en minder dan 30.000 inwoners;
· 1% van de inwoners ouder dan 16 in gemeenten met minsten 30.000 inwoners



Verzoekschriften

Een andere manier om een voorstel aan de gemeenteraad voor te leggen is het systeem van verzoekschriften. Voor deze procedure hoeft men geen handtekeningen in te zamelen. In principe moet de verzoeker zelfs geen inwoner van de gemeente zijn. Daar staat tegenover dat een echt debat tijdens de gemeenteraad niet gegarandeerd is.

Het verzoek kan doorgespeeld worden aan het college, een gemeenteraadscommissie of gemeentedienst. De verzoekers kunnen gehoord worden door de gemeenteraad, maar is dat is absoluut geen verplichting. De gemeenteraad moet wel binnen de drie maanden een gemotiveerd antwoord verstrekken.


Gemeentelijke volksraadpleging

Referenda zijn in België niet mogelijk, maar het gemeentedecreet bepaalt wel dat een volksraadpleging mogelijk is. Het initiatief voor een volksraadpleging kan uitgaan van de gemeenteraad of van de burgers. Wanneer het initiatief van de burgers komt moet het ondersteunt worden door een bepaald percentage van de bevolking. Als de steun van de bevolking voldoen hoog is de gemeenteraad verplicht om een volksraadpleging te organiseren.

De vraag die voorgelegd wordt tijdens de raadpleging moet betrekking hebben op de bevoegdheden van de gemeenteraad of het schepencollege. Al zijn ook binnen deze beperking een aantal thema’s uitgesloten. Vragen van persoonlijke aard, over de begroting, de belastingen of retributies, of over de toegang van vreemdelingen tot het grondgebied zijn niet toegelaten. Het exact formuleren van de voorgelegde vraag is bovendien ook de verantwoordelijkheid van de gemeenteraad. Elke vraag moet te beantwoorden zijn met ja of neen. Een maand voor de raadpleging verspreidt de gemeente een informatiebrochure met daarin een objectief beeld van de problematiek, de standpunten van voor- en tegenstanders en de exacte vraag zoals tijdens de volksraadpleging zal gesteld worden.

Alle inwoners, ouder dan 16 jaar, kunnen een verzoek indienen én deelnemen aan de raadpleging. De deelname is niet verplicht, maar een minimale opkomst is vereist. Blijft de opkomst onder de minimale opkomst dan worden de stemmen niet geteld. De uitslag van de volksraadpleging is niet bindend. De gemeenteraad kan de uitslag dus naast zich neerleggen.

Een volksraadpleging op initiatief van de bevolking moet ondersteund worden door minstens:

· 20% van de inwoners in gemeenten met minder dan 15.000 inwoners;
· 3.000 inwoners in gemeenten tussen 15.000 en 30.000 inwoners;
· 10% van de inwoners in gemeenten met meer dan 30.000 inwoners.

De minimale opkomst bedraagt een zelfde aantal inwoners.


Externe link

De Wakkere Burger vzw maakte een stappenplan om een “voorstel van de burger” in te dienen.
gemeentedecreet: Titel VI: Participatie van de burger